Stijlloos

Zondag, 7 mei 2017

Ineens ligt de website Geen Stijl met in het kielzog daarvan Dumpert onder het kritisch oog van de natie nu tientallen vrouwen en inmiddels ook twee (vrouwelijke) ministers kritiek hebben op de vrouwonvriendelijke inhoud van beide sites. Wat mij betreft hebben ze het gelijk aan hun zijde. Voorspelbaar was dat de makers van de site zich nu duchtig op hun pik getrapt voelen, om het in stijl te formuleren, en nog harder om zich heen slaan. Tsja, als je de wereld wilt veroveren met de slogan ‘tendentieus en nodeloos kwetsend’ kun je zoiets op een gegeven moment verwachten, maar het lijkt me niet de handigste tactiek.

Iets minder voorspelbaar was de verdediging van de site vanuit journalistieke hoek door mensen die zich zorgen maken over censuur en zich opwerpen als voorvechters van het vrije woord. Nu zijn dat inderdaad zaken om je zorgen over te maken, al is er in Nederland nog niet zoveel reden tot zorg, maar wat betreft het vrije woord geldt de aloude spreuk ‘je mag misschien wel alles zeggen, maar het hoeft niet’. En, tenzij ik iets heb gemist: niemand heeft gepleit voor een verbod.

Maar laat ik eens de vraag opwerpen: wat heeft Geen Stijl in hemelsnaam met journalistiek te maken? Ik zie er niet meer in dan digitaal belletje trekken, rotzooi trappen, keten, reaguren. Ouderwets gezegd: kattenkwaad uithalen. Drs. P liet in een van zijn vele liederen het woord ‘kattekwaad’ (toen nog zonder -n) rijmen op ‘handgranaat’. Een leuk rijm, maar ook goed gezien, want zonder correctie loopt zoiets steeds verder uit de hand, en dat is precies wat we nu zien gebeuren.

Keten kan leuk zijn en Geen Stijl was aanvankelijk ook best leuk: pesterige stukkies waarin zonder onderscheid iedereen te grazen kon worden genomen. Op vertegenwoordigers van ‘de linkse kerk’ was het natuurlijk altijd vrij schieten, maar als het zo uitkwam kreeg ook een held van rechts als Hero Brinkman op z’n falie. Dat was op z’n tijd best verfrissend. Maar gaandeweg werd het harder, onaangenamer, zuurder. Iedereen raakte gewend aan het getreiter van het vervelendste jongetje van de klas, dat van de weeromstuit steeds harder ging schreeuwen om toch vooral maar aandacht te krijgen – en nu dan uiteindelijk door de juf tot de orde wordt geroepen.

Dat zien we nu dan ook gebeuren, waarbij niet de juf maar de leiding van TMG wel zal ingrijpen als de deining aanhoudt vanwege het dreigende verlies aan advertentie-inkomsten. En dan? Gaat alles door zoals nu, waarbij de nu weggelopen adverteerders over drie of zes maanden weer gewoon weer op Geen Stijl te zien zijn. Want wat een bereik meneer!


Bij de directeur

Vrijdag, 5 mei 2017

De kamer van oprichter/directeur Walter Gropius in het Bauhaus in Dessau. Bezoekers werden geacht plaats te nemen in de gele, lage zetel en blikten dan tegen het licht in op naar de hoger gezeten directeur. Een klein staaltje psychologische 'oorlogsvoering'.


Slechte campagne?

Vrijdag, 31 maart 2017

De eerste baltspassen in de kabinetsformatie worden gemaakt, de onwaarschijnlijke combinatie VVD, CDA, D66 en GroenLinks gaat het gesprek met elkaar aan. De PVV doet niet mee, VVD en CDA hebben zich aan hun verkiezingsbelofte gehouden: we gaan niet (Rutte: ‘Niet. Nooit. Niet.’) weer met de PVV in zee. Wilders had trouwens eerst verkondigd ‘nooit’ met Mark Rutte te willen regeren, dus we hebben nu maar liefst drie tevreden politici.

Of toch niet? Ome Geert maakt natuurlijk luid misbaar over deze ‘ondemocratische actie’ waarmee hij vakkundig buiten de boot is gewerkt. En dat nadat de resultaten van de verkiezingen behoorlijk tegenvielen, in een paar weken viel de PVV terug van de verwachte 35 zetels naar de huidige twintig. Allemaal het gevolg van de slechte campagne die Wilders heeft gevoerd, is het oordeel. Hij was immers het grootste deel van de tijd onzichtbaar en stapelde fout op fout.

Zou het? Je kunt je afvragen wat Wilders zou hebben gewonnen als de PVV inderdaad de grootste was geworden. Hij zou het voortouw hebben moeten nemen in de kabinetsformatie, wat hoogstwaarschijnlijk niet zou zijn gelukt; de kans dat VVD en CDA zich dan toch zouden laten overhalen om met de PVV het avontuur aan te gaan is na de ervaringen van 2010 niet zo groot. En als het tot een kabinet-Wilders zou zijn gekomen, dan zou snel blijken dat veel plannen op het fameuze A4’tje niet uitvoerbaar zijn. Trouwens, hoeveel PVV’ers zijn capabel genoeg om minister of staatssecretaris te worden? Zo langzamerhand zijn er genoeg mails van Wilders uitgelekt waaruit blijkt dat hij niet zo’n hoge pet op heeft van veel partijgenoten. LPF-achtige rampspoed ligt in zo’n geval in het verschiet.

Zo’n kabinet zou ongetwijfeld een zeperd voor de Grote Leider zijn geworden die hem bij volgende verkiezingen stemmen zou kosten. Eigenlijk is zijn huidige positie dan ook veel prettiger: groot genoeg om het debat te beheersen en vanaf de zijlijn de brulboei uit te hangen, en klein genoeg om geen regeringsverantwoordelijkheid te hoeven dragen.

Wilders kan zo nog jaren voort. Veel andere mogelijkheden heeft hij trouwens niet, het zit er niet in dat er een functie als burgemeester, directeur van een of andere welzijnskoepel, enzovoort beschikbaar komt. Er zijn geen klassieke ‘uitrangeermogelijkheden’ voor PVV’ers. In betrekkelijke anonimiteit gaan werken voor een of andere denktank in de Verenigde Staten of Israël lijkt het enige toekomstperspectief voor de langere termijn.




Maurits van den Toorn
Journalist en redacteur


Meest recente blogs



Meest recente foto's



Meest recente publicaties